En zie de kleine dingen aan
 
   
Kijken observeren, de verwondering over het kleine, het alledaagse, het pretentieloze.
‘De Zen van het Zien.’
De zondagrust van Bloem en Hopper als bron van inspiratie.
De innerlijke rust doet de gevoelige lijn ontstaan.
Het niet belangrijk zijn van wat je tekent, maar hoe je het tekent.
‘Altijd het boekje’                 ‘Altijd het pennetje’                Een keuze.
De macht van de eenvoud.
De fascinatie van de veranderingen:
.    De boom die je tekent, waar ineens een fiets tegenaan is gezet.
.    De jas steeds anders opgehangen met z’n ‘Japanse’ plooien.
.    Mensen die op een camping een vaatdoekje steeds weer anders ophangen.
.    De kat die met de kussens op de bank steeds een andere compositie maakt
.    De letters op de tas, die het geheim van het woord niet direkt prijsgeven.
.    Stoffer en blik op m’n atelier. Altijd gebruikt, ineens gezien.
.    Verschillende torentjes vanaf de snelweg.
En na het tekenen het knokken met het weerbarstige hout,
Daarna afzien, het lijfelijke drukken.
De eerste drukgang. Niet moeilijk, altijd goed.
De tweede drukgang. Oppassen, eerst droog kijken.
De derde drukgang. Stress, want nu fout is alles fout.
De voorzichtige vingers over het papier.  Het past !!! 
   Het klopt !!!
   De zucht !!!
   De rust !!!

Papier er af   ----- Het is niets.
                      ----- Het is goed.
Ingelijst en opgehangen zal de kijker het zich toe-eigenen en er z’n eigen verhaal bij maken.
De kunstenaar mag hopen dat er nog iets van zijn verwondering en fascinatie mee gaat met het kunstwerk.
Want citaat:


Een kunstenaar doet altijd weer examen.

* regel uit de dichtbundel ‘De tuinman en de dood’ van P.N. van Eyck